Een dagje Ginkelen


 

Eindelijk hebben mijn broer Kees en ik het plan om ons stamgebied nader te verkennen in mei 2008 uitgevoerd. Gestimuleerd door Gerard van Ginkel en zijn website besloten we al maanden geleden om eens met andere ogen te gaan kijken naar de landerijen waarin we als kwajongens urenlang speelden. Ik heb het dan over de streek vanaf de Veenendaalse Dijkstraat tot aan de Bovenhaarweg. Een oudoom en tante van moederszijde woonden indertijd op De Grote Zandschulp aan de Haarweg. Opa en oma Henken aan de Dwarsweg (Overberg) en opa en opoe van Ginkel achter aan de Dijkstraat. Mijn vader werd geboren op een keuterijtje aan De Haspel. Ik ken het oude huisje alleen van een (slechte) krantenfoto, er staat nu nieuwbouw van de nouveau riche.

Kortom, voldoende 'wortels' om mij met de streek verbonden te voelen, al vind ik 't Veen van tegenwoordig maar niets.

We zijn onze verkenning op de fiets gestart met het bestuderen van de kaarten van 1850 (Grote Historische Atlas van Nederland, deel 1 West-Nederland 1839-1859, 1:50.000) en van 1900 (Grote Historische Topografische Atlas Utrecht, 1905, 1:25.000). De kaarten hebben we vergeleken met de kaart uit de Grote Topografische Atlas van Nederland, deel 1 (1989, 1:50.000). Dat heeft nog heel wat kopieer-, knip- en plakwerk met zich meegebracht daar Ginkel op het randje ligt. Wil je een overzicht hebben van de oude landschappelijke eenheid van Ginkel, dat wil zeggen het gehucht zelf met in de rug de Utrechtse Heuvelrug (tot en met het waarschijnlijk belangrijke Leersum) en voor zich de voormalige Ginkelse venen, dan heb je vier kaartbladen nodig.

Door mijn beroep en liefhebberijen heb ik geleerd dat goed kaartmateriaal onmisbaar is voor de interpretatie van het landschap en het herleiden van de geschiedenis ervan op grond van patronen in en onderdelen van dat landschap.

We hebben verrassend veel van de situatie rond 1900 terug gevonden. Ook veel niet, daar met name in de jaren twintig en dertig, gestimuleerd door de overheid, veel heide- en veenrestanten op de schop gingen en de alom aanwezige schaapskooien werden vervangen door kleine boerderijen.

We spraken een aantal bewoners van de streek die veel interesse hadden in ons verhaal en kaartmateriaal. Het was mede daarom een zeer genoeglijke dag.

Het is niet eenvoudig om de vinger achter de geschiedenis van Ginkel te krijgen. Over de vervening is voldoende literatuur voor handen, alleen al vanwege het ingewikkelde waterstaatkundige verhaal. Voeg daarbij de langdurige controverse tussen Gelre en het Sticht en je hebt al snel een naslagwerkje geschreven. Daar een van mijn voorouders in het veen zijn kost verdiende, ben ik hierover nog niet uitgedaan, maar ik wil eerst greep krijgen op het oude Ginkel. Een gehuchtje op de rand van de stuwwal. Waarschijnlijk gelegen aan of nabij een belangrijke doorgaande weg. Van oorsprong in een sterk beboste streek: moerasbos op het Ginkelse veen, open eikenberkenbos (zogenaamd loobos) op de hoge gronden. Ook intrigeert de vraag wat de parallelen zijn met het Edese Ginkel, een gehucht waar van de landschappelijke achtergrond eenvoudiger valt te duiden.

Geografen vragen zich altijd af waarom zo'n gehuchtje juist op die plaats is ontstaan. Op die vraag heb ik nog geen betrouwbaar antwoord. Wel gedachten en speculaties.

Wij zetten ons 'onderzoek' dus voort en zijn benieuwd naar mensen die ons kunnen helpen!

Orvelte, 14 juni 2008

Jan van Ginkel

 


Copyright. Jan van Ginkel 2008-2013

Met  gemerkte pagina's of afbeeldingen mogen niet gekopieerd, en of op het internet geplaatst.

Alleen met toestemming,

en met duidelijke bronvermelding en voorzien van een link naar de oorspronkelijke locatie dus: www.ginkelgenealogie.nl

Niets mag worden gebruikt voor handelsdoeleinden. Alle rechten voorbehouden.


01-02-2013